Overijssel

Van Kampen naar Zwolle – 20 kilometer langs de IJssel

Het is een winderige, maar zonnige dag als ik begin aan mijn wandeling langs de IJssel van Kampen naar Zwolle. Ik kom aan op het treinstation van Kampen dat buiten de stad ligt, aan de overkant van de IJssel.

Voor deze wandeling ga ik niet de brug over, de stad in. In plaats daarvan sla ik linksaf de dijk op. Het Engelse Werk in Zwolle, dat zo’n 20 kilometer verder op ligt, is de eindbestemming van mijn wandeling.

Maar eerst neem ik nog even de skyline van Kampen in mij op.

Foto: Uitzicht op Kampen

Hanzestad Kampen

Kampen is nu een middelgrote stad, maar in de 13de eeuw was Kampen één van de rijkste handelssteden langs de kust. Ze was veel rijker dan Amsterdam in die tijd. Dat komt omdat Kampen niet alleen aan de Zuiderzee lag, maar ook aan de monding van de IJssel. Een rivier die een belangrijke verbinding met de Rijn vormde, en dus met Duitsland.

Al in de 15de eeuw bouwden de Kampenaren een brug over de rivier. Hierdoor kon de stad tol eisen van elk schip dat Kampen wilde passeren. De Schepenzaal en andere historische gebouwen in het stadscentrum laten zien dat dit de stad geen windeieren heeft gelegd. Nu is de moderne brug met haar tandwielen van bladgoud het bewijs dat Kampen ooit een hele rijke stad is geweest.

Dijkbeheer langs de IJssel

Dijken horen bij Nederland, zoals kaas bij brood. De Friezen hebben in 1000 na Christus al de eerste dijken aangelegd ter bescherming van hun akkers en veeteelt. De eerste aanwijzingen van een dijk langs de IJssel zijn te vinden in oorkondes van het dorp Olst, dat ten zuiden van Zwolle ligt. In deze oorkondes uit 1227 tot 1231 wordt melding gemaakt van verschillende dijken langs de IJssel.

In 1308 werd onder leiding van landsheer bisschop Guy van Evesnes de eerste regels vastgelegd. Die gingen over het onderhoud van de dijk tussen Deventer en de toenmalige Zuiderzee. De dijk werd opgedeeld in blokken en elke grondeigenaar kreeg een nauwkeurig afgebakend dijkdeel toegewezen.

De grenzen werden gemarkeerd met zogenaamde dijkpalen. In eerste instantie werden ze van hout gemaakt, later van beton. Niet ver van Kampen staat op de dijk nog zo’n oude betonnen dijkpaal uit 1780.

Foto: wandelen langs de IJssel

Historie van uiterwaard Scherenwelle

Ik verlaat de dijk en wandel naar beneden richting de IJssel, de Scherenwelle in. Deze uiterwaard biedt beschutting tegen de wind waardoor ik van de zon kan genieten en even kan opwarmen.

In de uiterwaard zie ik een smalle geul die bijna aan mijn gezichtsveld is onttrokken door rietkragen en kleine boompjes. In het voor- en najaar stijgt het waterniveau in de IJssel vanwege de grote hoeveelheden regenwater vanuit Duitsland. De rivier zoekt dan andere wegen om het water zo snel mogelijk naar de vroegere Zuiderzee te brengen. De rivier treedt dan buiten haar oevers en zoekt alternatieve geulen om doorheen te gaan. In de Scherenwelle is zo’n geul nog duidelijk zichtbaar in het landschap. Als eenmaal het waterpeil weer daalt, verandert de geul weer in een klein stroompje.

Waterschappen proberen deze uiterwaarden weer in ere te herstellen. Niet alleen vangen ze het hoge water op, maar een uiterwaard kent ook een geheel eigen flora en fauna. Zo staat de Scherenwelle in het voorjaar vol met kievitsbloemen.

Foto: Kievitsbloem

‘s-Heerenbroek & Pelleboer

Ik blijf de kronkelende IJssel vanaf de dijk volgen en tuur regelmatig de Mastenbroekerpolder in. In deze polder zijn nog terpboerderijen te vinden, zoals je ze ook Groningen en Friesland tegenkomt. Boerderijen die op kleine heuvels zijn gebouwd en zo boven het landschap uitsteken.

In ‘s-Heerenbroek staat Museum de Kroon. Het gebouw was tot in de jaren zestig in gebruik als herberg. Het had als bijzonder kenmerk een doorrijschuur. Als in de namiddag de reizigers aankwamen, konden zij hun paard en wagen zo de doorrijschuur inrijden. In de vroege ochtend nam men weer plaats en reed men aan de achterkant naar buiten. De koets of goederenwagen kon gewoon in de schuur blijven staan zonder dat er gedraaid hoefde te worden bij het weggaan.

Een interessant verhaal, maar de échte reden dat zoveel mensen dit museum bezoeken, is een andere. Lokale bewoner en weerman Jan Pelleboer heeft aan het begin van zijn carrière in deze schuur zijn eerste weerberichten opgenomen. De weerkaarten prikte hij met punaises op de houten wanden. Die punaises zijn nu nog te zien en gelijk ook het meest waardevolle bezit van het museum.

Zalker fiets- en voetveer

Net buiten ‘s-Heerenbroek kun je de IJssel oversteken met een veerpontje. Het veerpontje verbindt de dorpen Zalk en ‘s-Heerenbroek met elkaar. Sinds 1996 wordt deze fiets- en voetverbinding gerund door Stichting Philadelphia, die ook het naastgelegen theehuis beheerd. Mensen met een verstandelijke beperking werken hier dagelijks in de keuken en bediening. Op het terras heb je mooi uitzicht over de IJssel en onder het genot van een kop koffie met zelfgemaakte taart is het hier goed toeven.

Bij veel mensen zal de plaatsnaam Zalk een belletje doen rinkelen. In de jaren 80 was er een kruidenvrouw uit Zalk die in vele televisieprogramma’s verscheen. Klazien was haar naam. Haar simpele huismiddeltjes voor kleine kwalen en haar eenvoudige wijsheden maakten haar tot een populaire en bekende Nederlander. Inmiddels is zij overleden, maar Zalk zal altijd met haar verbonden blijven.

Foto: Bij het Zalkerveer

Vreugdehoeve en Vreugderijkerwaard

Naarmate ik dichter bij Zwolle kom, wordt de wandeling over de dijk langs de IJssel steeds mooier en boeiender. Dit heeft tot gevolg dat ik ook meer wandelaars zie. Ik ben niet meer alleen op de dijk. Deze wandelaars hebben hun auto of fiets geparkeerd bij schapenboerderij Vreugdehoeve. Familie van Assen bezit naast melkschapen, ook een speeltuin met een groot terras waar bezoekers voor of na hun wandeling kunnen plaatsnemen. De bijbehorende boerderijwinkel en informatiepunt van Natuurmonumenten maken het tot een ideaal start- en eindpunt voor een wandeling langs de IJssel.

Boerderij Vreugdehoeve ligt veilig achter de dijk. Aan de andere kant ervan ligt de Vreugderijkerwaard, een 99 hectare natuurgebied van Natuurmonumenten. Deze uiterwaard is niet van nature ontstaan zoals de Scherenwelle. Vreugderijkerwaard is het resultaat van het project ‘meer ruimte voor de rivier’, waarbij de oude IJsseldijk verder landinwaarts werd verplaatst. Op die manier is er een nieuw uitloopgebied ofwel uiterwaard gecreëerd. In 2012 is Natuurmonumenten begonnen met die verplaatsing en in 2017 is het gebied officieel teruggegeven aan de bewoners en beheerders.

Ondanks de vele bezoekers die hier komen, is er een rijke variatie aan vogels die vanuit een observatiepunt bekeken kunnen worden. De kwartelkoning, kluut en visdief verblijven hier, maar ook kieviten, kemphanen, grutto’s en andere steltlopers hebben er hun thuis gevonden.

Foto: De vreugderijkerwaard

Zwolle-IJsselkanaal

Aan de horizon zie ik Zwolle verschijnen. Als ik de Vreugderijkerwaard verlaat, kom ik al snel bij de sluis van het Zwolle-IJsselkanaal. Dit kanaal uit 1964 verbindt de IJssel met het Zwarte Water. Die rivier begint bij Genemuiden en eindigt in de stadsgracht van Zwolle. Het Zwarte Water is heel lang de enige verbinding van de stad met de Zuiderzee geweest. Zwolle had dus geen rechtstreekse verbinding met de IJssel. Die wilde men wel, zelfs al vanaf de middeleeuwen. De IJssel was toen namelijk één van de meest belangrijke handelsrivieren richting Duitsland. Vanuit Zwolle kon men alleen via de Vecht naar Duitsland. Alleen kwamen de vrachtschepen meestal niet verder dan Nordhorn.

Concurrerende Hanzesteden Kampen en Deventer hebben die verbinding van Zwolle met de IJssel lang tegen gehouden. Pas op 24 augustus 1819 werd de Willemsvaart geopend, een kanaal vanaf de stadsgracht naar de IJssel. En toen was het al te laat. In die tijd vond het meeste vervoer al over land plaats. De Willemsvaart is dan ook weer gedeeltelijk gedempt om plaats te maken voor wegen. Er zijn alleen nog enkele oude sluizen en bruggen vlak bij de IJssel bewaard gebleven.

Daar is het goed toeven. In de zomer springen kinderen vanaf de brug het water in. Sportvissers gooien er hun hengel uit en fietsers eten een boterham op één van de vele bankjes. De grote statige huizen in de nabije omgeving geven aan het Katerveer nog wat extra sfeer, ondanks dat het nu tussen de drukke A28 en de IJsselbrug in ligt.

Het Engelse Werk

Nadat ik de Spoolderbergweg ben overgestoken, kom ik aan in het Engelse Werk. Oorspronkelijk lag hier de verdedigingslinie van Zwolle. In het open gebied tussen de IJssel en de ommuurde stad zijn toen aarden wallen gemaakt en is er een brede sloot gegraven. Deze moesten de stad beschermen tegen aanvallen vanaf de IJssel. Ook werden er schansen en andere versterkingen gebouwd.

Het gebied met al haar verdedigingswerken kwam in 1809 in handen van de gemeente Zwolle. Die heeft er toen een wandelplaats voor de burgerij van gemaakt, in de Engelse landschapsstijl. Sedertdien gaat het gebied door het leven als het Engelse Werk. Na 1874 is er nog een grote vijver aangelegd met verschillende boseilanden, waardoor het nog meer een landelijk karakter heeft gekregen.

Nu geniet menig jogger, hondeneigenaar en wandelaar van de vele slingerende paden langs het water en van de vele open velden.  Een mooi einde van mijn 20 kilometer lange wandeling langs de IJssel. 

Foto: Het Engelse Werk

Onze YouTube-aflevering

Geef een reactie

error: Content is protected !!